Hoe verloopt een kijkonderzoek (colonoscopie)?

Welke onderzoeken bestaan er om poliepen of dikkedarmkanker op te sporen?

Er bestaan twee onderzoeken om poliepen of dikkedarmkanker op te sporen:
- een onderzoek van de stoelgang, bijvoorbeeld met de iFOB-test (immunochemische fecaal occult bloed-test)
- een kijkonderzoek (colonoscopie)

Wanneer wordt een kijkonderzoek aangeraden?

1. Als er in uw stoelgang bloedsporen gevonden werden:
Het onderzoek van de stoelgang met de iFOB-test is positief: er zit bloed in de stoelgang. Dit wil niet meteen zeggen dat men dikkedarmkanker heeft, maar om na te gaan waarom er bloedsporen in de stoelgang zijn gevonden, is er een kijkonderzoek (colonoscopie) nodig.
 

2. Als een naast familielid van u (jonger dan 60 jaar) dikkedarmkanker heeft OF u meerdere naaste familieleden met dikkedarmkanker heeft:
Bij een naast familielid van u (biologische ouders, broers, zussen of kinderen) werd de diagnose dikkedarmkanker gesteld. Als naast familielid loopt u zelf een groter risico op het krijgen van dikkedarmkanker. Indien u naast familielid met dikkedarmkanker jonger is dan 60 jaar of u hebt meerdere naaste familieleden met dikkedarmkanker wordt u aangeraden zelf een kijkonderzoek te ondergaan.

Hoe verloopt het kijkonderzoek?

Voor een kijkonderzoek moet u een dag naar het ziekenhuis.

  • De dikke darm moet leeg zijn. Uw huisdokter of de specialist geeft daar vooraf meer uitleg over.
  • De specialist onderzoekt de binnenkant van de dikke darm met een lange, soepele buis. Dit kan mogelijk onder verdoving.
  • Het onderzoek duurt 15 tot 30 minuten. ‘s Avonds mag u naar huis. Als u verdoving kreeg, mag u zelf niet met de auto rijden. Eten en drinken mag wel.
  • Meteen na het onderzoek zegt de specialist wat hij of zij gevonden heeft.
    • Ofwel vindt de specialist geen poliepen. Dan is er geen sprake van dikkedarmkanker. Een nieuw kijkonderzoek is dan de eerste 10 jaar niet meer nodig.
    • Ofwel vindt de specialist poliepen. De specialist kan die meestal meteen wegnemen. Daardoor wordt de kans om dikkedarmkanker te krijgen heel klein. Als er poliepen worden weggenomen, kan het onderzoek langer duren. 
      De weggenomen poliepen of stukjes weefsel gaan dan naar het labo voor onderzoek. Daar wordt onderzocht of ze goedaardig of kwaadaardig zijn. Drie weken later krijgen u en uw huisdokter het resultaat.
      • Zijn de poliepen goedaardig, dan is een nieuw kijkonderzoek de eerste 10 jaar niet meer nodig.
      • Zijn de poliepen kwaadaardig, dan is er sprake van dikkedarmkanker. Uw huisdokter bespreekt dan de mogelijke behandelingen.